Тестування

Vraag 1 / 20
Eten en Drinken A1

Wat is "dorst"?

A Honger
B Willen drinken
C Willen slapen
D Moe zijn
Vraag 2 / 20
Eten en Drinken A1

Wat is "appel"?

A Vlees
B Fruit
C Groente
D Drinken
Vraag 3 / 20
Eten en Drinken A1

Wat is een typisch Nederlands drankje?

A Koffie
B Melk
C Thee
D Alle drie
Vraag 4 / 20
Eten en Drinken A1

Wat is "soep"?

A Vast eten
B Vloeibaar warm eten
C Brood
D Fruit
Vraag 5 / 20
Eten en Drinken A1

Wat is "ontbijt"?

A Eten in de avond
B Eten in de ochtend
C Eten in de middag
D Eten in de nacht
Vraag 6 / 20
Eten en Drinken A1

Wat is "drinken" (werkwoord)?

A Eten
B Vloeistof tot je nemen
C Slapen
D Lopen
Vraag 7 / 20
Eten en Drinken A1

Wat is "water"?

A Een eten
B Een vloeistof om te drinken
C Een fruit
D Een groente
Vraag 8 / 20
Eten en Drinken A1

Wat is een "appel"?

A Groente
B Fruit
C Vlees
D Brood
Vraag 9 / 20
Eten en Drinken A1

Welk dier geeft eieren?

A De koe
B De kip
C Het paard
D De hond
Vraag 10 / 20
Eten en Drinken A1

Wat zeg je als je in een restaurant wilt betalen?

A De kaart, alstublieft
B De rekening, alstublieft
C Lekker eten
D Tot ziens
Vraag 11 / 20
Eten en Drinken A1

Wat is "groente"?

A Appel
B Sla
C Kip
D Melk
Vraag 12 / 20
Eten en Drinken A1

Wat is "melk"?

A Een rode vloeistof
B Een witte vloeistof van een koe
C Een groente
D Een brood
Vraag 13 / 20
Eten en Drinken A1

Welk dier geeft "eieren"?

A De koe
B De kip
C De hond
D De kat
Vraag 14 / 20
Eten en Drinken A1

Waar koop je vers brood?

A Bij de slager
B Bij de bakker
C Bij de apotheek
D Bij de garage
Vraag 15 / 20
Eten en Drinken A1

Wat is "melk"?

A Zwart
B Wit en komt van een koe
C Rood
D Geel
Vraag 16 / 20
Eten en Drinken A1

Wat is dit typisch Nederlandse product?

A Brood
B Kaas
C Wijn
D Appel
Vraag 17 / 20
Eten en Drinken A1

Wat is "rijst"?

A Kleine witte korrels
B Grote aardappels
C Brood
D Vlees
Vraag 18 / 20
Eten en Drinken A1

Wat is "thee"?

A Een eten
B Een warm drankje van blaadjes en water
C Een koud sap
D Melk
Vraag 19 / 20
Eten en Drinken A1

Wat is "kaas"?

A Geel brood
B Product gemaakt van melk
C Soep
D Groente
Vraag 20 / 20
Eten en Drinken A1

Wat gebruik je om soep te eten?

A Een vork
B Een lepel
C Een mes
D Een schaar
🏆

Resultaten

0 / 20

Помилки: