Тестування
Vraag 1 / 14
Tijd
A1
Hoeveel dagen heeft een "schrikkeljaar"?
A
364
B
365
C
366
D
400
Vraag 2 / 14
Tijd
A1
Wat komt na de middag?
A
De ochtend
B
De avond
C
De nacht
D
De lunch
Vraag 3 / 14
Tijd
A1
Hoeveel weken zitten er in een jaar?
A
4
B
12
C
52
D
365
Vraag 4 / 14
Tijd
A1
Hoeveel seconden zitten er in een minuut?
A
10
B
60
C
100
D
12
Vraag 5 / 14
Tijd
A1
Wat is de eerste maand van het jaar?
A
Februari
B
Januari
C
Maart
D
December
Vraag 6 / 14
Tijd
A1
Hoeveel maanden zitten er in een jaar?
A
10
B
12
C
4
D
24
Vraag 7 / 14
Tijd
A1
Wat is "nacht"?
A
Als de zon schijnt
B
Als het donker is en de maan schijnt
C
Als we ontbijten
D
Als de winkels open zijn
Vraag 8 / 14
Tijd
A1
Wat is "nu"?
A
Gisteren
B
Op dit moment
C
Morgen
D
Volgend jaar
Vraag 9 / 14
Tijd
A1
Wat is "vandaag"?
A
Gisteren
B
De dag van nu
C
Morgen
D
Nooit
Vraag 10 / 14
Tijd
A1
Hoeveel minuten zitten er in een kwartier?
A
10
B
15
C
30
D
45
Vraag 11 / 14
Tijd
A1
Wat is het weekend?
A
Maandag en dinsdag
B
Zaterdag en zondag
C
Woensdag
D
Vrijdagavond
Vraag 12 / 14
Tijd
A1
Hoeveel dagen heeft een week?
A
5
B
7
C
10
D
30
Vraag 13 / 14
Tijd
A1
Wat is de kortste maand?
A
Januari
B
Februari
C
Maart
D
April
Vraag 14 / 14
Tijd
A1
Wat is "altijd"?
A
Nooit
B
Elke keer weer
C
Soms
D
Eén keer
🏆
Resultaten
0
/
14